Trinque komt van het werkwoord trinquer, wat 'proosten' of 'klinken' betekent. Het is een levendig woord dat direct verwijst naar het heffen van een glas en het vieren.
In de context van het lied, waar Stromae de 'onzichtbare' werkers en degenen die niet vieren eert, krijgt trinque een extra laag. Hij zingt: "En toi, Albert, quand on trinque, tu ramasses les verres" (En jij, Albert, als we proosten, raap jij de glazen op). Dit benadrukt de ironie en het contrast tussen de feestvierders en degenen die het werk doen, waardoor het een memorabel en tot nadenken stemmend woord is.
In “Santé” brengt Stromae een toost uit op mensen die meestal buiten beeld blijven. Rosa ruimt de rommel op, Albert verzamelt de glazen en Arlette brengt het feest door in de toiletten. De zanger draait de gebruikelijke feestlogica om met “À ceux qui n’en ont pas” [op degenen die er geen hebben]: geen glas in de hand, geen vrije avond of misschien zelfs geen zin om te vieren. Het klinkt eerst grappig en brutaal, maar de beelden zijn scherp. Terwijl anderen drinken en plezier maken, moeten zij doorgaan met schoonmaken, bedienen en wachten op respect.
Later wordt de groep groter: piloten, verpleegkundigen, vrachtwagenchauffeurs, stewardessen, bakkers en vissers, maar ook jonge ouders die door gehuil wakker blijven en mensen met liefdesverdriet. “Un verre aux champions des pires horaires” [een glas op de kampioenen van de slechtste werktijden] is een mooie, licht ironische manier om hen eer te bewijzen. De herhaalde oproep “levons mon verre” [laat me mijn glas heffen] maakt van een gewoon feestlied een toast voor iedereen die het feest mogelijk maakt, maar er zelf niet aan meedoet. En met “Frotter, frotter” [schrobben, schrobben] klinkt hij even dreigend: wie anderen niet respecteert, kan zelf ook op weinig vriendelijkheid rekenen.