Kül oldum betekent letterlijk "Ik ben as geworden". Het is een krachtige en dramatische uitdrukking die je niet elke dag hoort in liedjes.
In dit lied gebruikt de artiest het metaforisch om een gevoel van complete uitputting en vernietiging te beschrijven. Hij zingt over "Yanıyorum, alev alev alev, Kül oldum, bittim ben bak" (Ik brand, vlam na vlam na vlam, Ik ben as geworden, ik ben op, kijk). Dit beeldende taalgebruik maakt het een zeer memorabel woord dat de diepte van zijn verdriet en wanhoop overbrengt.
In "Karlı Dağlar" (Sneeuwbergen) neemt ENES 61 je mee in een wereld van diepe melancholie en onbeantwoorde liefde. Het lied begint met de krachtige beelden van besneeuwde bergen en een brandend hart – "Karlı dağlar, gönlüm yanar" [Sneeuwbergen, mijn hart brandt]. Deze tegenstelling zet meteen de toon voor het verdriet dat volgt. De zanger voelt zich verraden door leugens ("Bu yalanlar, kalbim ağlar" [Deze leugens, mijn hart huilt]) en is gekwetst, maar mist de ander tegelijkertijd intens. Hij vraagt zich af wat huilen nog voor zin heeft als de geliefde er niet is.
Het lied beschrijft de hopeloosheid van wachten op een telefoontje dat nooit komt: "Telefonun başında bekliyom, Bekliyom, çalmayacak biliyom" [Ik wacht bij de telefoon, ik wacht, ik weet dat hij niet zal rinkelen]. De pijn en het verdriet lijken eindeloos, en de zanger is uitgeput van het vechten en proberen. Hij voelt zich letterlijk opbranden, als vlammen die hem tot as reduceren: "Yanıyorum, alev alev alev, Kül oldum, bittim ben bak" [Ik brand, vlammen, vlammen, vlammen, ik ben as geworden, ik ben op, kijk]. De herinneringen blijven, maar de kracht om te huilen is verdwenen. Het is een rauw en eerlijk portret van liefdesverdriet en de strijd om verder te gaan.