Подснежниками [podsnezhnikami] betekent "sneeuwklokjes", de vroege bloemen die vaak door de sneeuw heen groeien. In de song ontstaat een opvallend en poëtisch beeld: het lichaam wordt bedekt door sneeuwklokjes, wat tegelijk kwetsbaarheid, afscheid en vernieuwing oproept.
In “ПОМНИ (POMNI)” draait alles om herinneren. Помни betekent “onthoud” of “herinner me eraan”. De verteller vraagt zijn geliefde terug te brengen naar het moment waarop zij hem uit de leegte riep: “Как из пустоты меня ты позвала” [hoe jij mij uit de leegte riep]. Zij heeft zijn “gedode wereld” weer opgebouwd, terwijl hij haar tegemoet wil komen met bloemen, zelfs op een dak. Dat beeld van een eerste dans op een bijzondere plek maakt de liefde bijna filmisch, maar de tekst blijft ook heerlijk direct: “Я искушение, ты спасение” [ik ben de verleiding, jij bent de redding].
Daarna wordt de sfeer donkerder. Hun huizen liggen ongeveer twintig kilometer uit elkaar, maar voor hem voelt de afstand als een afgrond. De deuren van het fletse etablissement zijn al gesloten, toch kunnen ze elkaar niet loslaten. De regel “Пока тело не укрыло подснежниками” [tot het lichaam door sneeuwklokjes bedekt is] brengt zelfs de dood en het voorjaar samen: sneeuwklokjes zijn vroege lentebloemen, hier een vreemd mooi beeld van wat er na het einde kan groeien. Ook de verwijzing naar de “matrix” klinkt als een wereld waaruit mensen niet meer wakker worden. Tegenover die verstarde wereld staat één persoon die hem weer bijeenbrengt: “Ты душу забрала” [jij hebt mijn ziel meegenomen].