Taşladı betekent 'bekogelde' of 'gooide met stenen'. Het is een krachtig werkwoord dat je niet vaak tegenkomt in alledaagse gesprekken of liedjes.
In de context van het lied gebruikt Edis dit woord om te beschrijven hoe zijn hart in het verleden de liefde afwees. Hij zingt: "Kalbim aşkları sönsün diye geleni taşladı" (Mijn hart bekogelde degene die kwam zodat de liefdes zouden doven). Dit creëert een levendig beeld van een hart dat zich verzet tegen nieuwe liefde, wat het een memorabel en intrigerend woord maakt.
In ‘Benim Ol’ van de Turkse artiest Edis spreekt iemand een geliefde rechtstreeks aan. De titel betekent ‘Wees van mij’ of natuurlijker: ‘Kom bij me terug’. De verteller zegt dat hij zal vertrekken als dat zijn deel van de schuld is: “Suç payıma düşense, giderim yine sen düşünme” [Als het mijn deel van de schuld is, ga ik wel, maak je geen zorgen]. Maar één vertrek kan hem niet zomaar breken. De regel “Acıtmaz canımı bir gidişle” [Eén vertrek doet mijn hart geen pijn] klinkt bijna stoer, terwijl de rest van het lied juist laat horen hoe sterk hij deze persoon nog nodig heeft.
Het mooiste beeld komt in de herhaalde regels over zijn hart: “Kalbim aşkları sönsün diye geleni taşladı” [Mijn hart bekogelde iedereen die kwam, zodat de liefdes konden uitdoven]. Hij hield dus nieuwe liefde op afstand, en daarna begon de tijd waarin hij spijt kreeg en steeds op deze ene persoon wachtte. Dan volgt de directe smeekbede: “Hadi yine gel benim ol” [Kom, kom terug en wees van mij]. Zonder deze geliefde weet hij niet waarheen: “Benim olmazsan, kime giderim?” [Als je niet van mij bent, naar wie moet ik dan gaan?] en “Beni duymazsan, kime veririm yüreğimi?” [Als je niet naar me luistert, aan wie geef ik dan mijn hart?] De zin “Yarım sözüm daha dur” [Mijn halve belofte staat nog] laat het einde bewust onaf voelen: er is nog iets onuitgesproken, dus de deur naar terugkeer staat nog open.