Plantés komt van het werkwoord se planter, een informele uitdrukking die niet letterlijk "geplant" betekent, maar "een fout maken" of "mislukken". In de zin « on s’est tous plantés » zegt de zangeres dat iedereen in het leven weleens de mist ingaat, maar daarna weer kan opstaan.
In “Ça Va Ça Vient” vragen Vitaa en Slimane iemand om eerlijk te zeggen hoe het echt gaat. Voel je je alleen midden in een menigte? Raakt niets je hart nog? Doet het te veel pijn omdat mensen je zo vaak hebben teleurgesteld? Dan klinkt de uitnodiging steeds opnieuw: “Dis-le-moi” [vertel het me]. Dat is eenvoudig, maar heel direct: je hoeft je verdriet niet netjes te verbergen. De zin “On s’est tous plantés” [we hebben allemaal fouten gemaakt] gebruikt se planter als spreektaal voor iets verpesten of de mist ingaan. En na elke misstap moesten we ons weer oprichten: “combien de fois on a dû se relever” [hoe vaak moesten we weer opstaan]. Niemand blijft perfect op het juiste pad.
Het refrein geeft het leven een bijna schommelend ritme: “Ça va, ça vient” [het gaat op en neer, het komt en gaat]. Volgens het lied kan alles snel veranderen, want “ça tient à rien” [het hangt van heel weinig af]. Zelfs wanneer iemand zegt geen hoop, betekenis of energie meer te hebben, blijft de ander vragen om het te vertellen. Aan het einde wordt de tegenstelling expres een beetje grappig en vreemd: “On n’est pas bien là… Qu’est-ce qu’on est bien” [we zijn hier niet goed… wat zijn we toch goed]. Het klinkt alsof de zangers eerst klagen en daarna toch erkennen dat samen zijn precies helpt. De kern is geen perfecte oplossing, maar een hand die blijft zeggen: praat met me, je bent niet alleen.