Chinchorrear is Puerto Ricaans slang voor ontspannen van het ene strandkiosk of barretje naar het andere gaan, om iets te eten, drinken en plezier te maken.
In het lied zingt Pedro Capó: "Por toda la costa a chinchorrear", oftewel: langs de kust van kiosk naar kiosk trekken. Het is een typisch Puerto Ricaans en bijzonder sfeervol woord dat perfect past bij de relaxte vakantiesfeer van het nummer.
‘Calma’ is een uitnodiging om de telefoon weg te leggen en van een dag aan zee te genieten. De zanger wordt wakker met “Cuatro abrazos y un café” [vier knuffels en een koffie] en zegt dat hij bij het zien van zijn geliefde beseft dat hij alles al heeft gevonden. Samen ontsnappen ze aan alles, kijken ze naar de zonsondergang en gaan ze naar het strand “pa’ curarte el alma” [om je ziel te genezen]. De zee, de wind en elkaars gezelschap zijn genoeg: “Cierra la pantalla” [doe het scherm dicht]. Calma betekent rust, en het refrein zegt precies dat: “Calma, mi vida, con calma” [rustig aan, mijn lief, rustig aan].
Daarna wordt het een vrolijke stranddag in Puerto Rico. Ze rijden langs de kust van chinchorro naar chinchorro, kleine informele eet- en drinkgelegenheden, en drinken een ijskoud Medalla-biertje en Coquito, een zoete drank met kokos. Bob Marley klinkt, er is sangría en natuurlijk reggaeton. “No hay que salir de Puerto Rico” [je hoeft Puerto Rico niet uit] betekent hier: voor plezier, dansen en tropische sfeer heb je al genoeg aan het eiland. Buscabulla is Puerto Ricaanse straattaal voor iemand die graag kattenkwaad uithaalt of drukte zoekt. De tekst is soms heerlijk brutaal wanneer hij haar heupen en dansbewegingen bewondert, maar de hoofdgedachte blijft eenvoudig: langzaam genieten, met de wind in je gezicht, het water om je heen en niets dat hoeft te wachten.