Sofrer betekent 'lijden' of 'pijn hebben'. Het is een emotioneel geladen werkwoord dat de diepte van menselijke ervaringen uitdrukt.
In dit lied van Tim Maia wordt het gebruikt om de dualiteit van het leven te beschrijven: "Que um nasce pra sofrer, enquanto o outro ri" (Dat de één geboren wordt om te lijden, terwijl de ander lacht). Het is een centraal thema in het lied en nodigt uit tot reflectie over het leven.
Tim Maia windt er geen doekjes om in Azul Da Cor Do Mar. Hij opent meteen met het idee dat hij een levensles te delen heeft: "Se o mundo inteiro me pudesse ouvir / Tenho muito pra contar / Dizer que aprendi" (Als de hele wereld naar me zou kunnen luisteren / Heb ik veel te vertellen / Zeggen wat ik heb geleerd). Zijn observatie van de wereld is keihard en direct. Hij stelt simpelweg vast dat het leven oneerlijk verdeeld is: "Que um nasce pra sofrer / Enquanto o outro ri" (Dat de een geboren wordt om te lijden / Terwijl de ander lacht). Geen doordachte theorieën, gewoon een nuchtere vaststelling.
Toch zakt het nummer niet weg in somberheid. De zanger eist bijna van iedereen die het moeilijk heeft om door te zetten: "Mas quem sofre sempre tem que procurar / Pelo menos vir achar / Razão para viver" (Maar wie lijdt moet altijd blijven zoeken / Om ten minste te vinden / Een reden om te leven). Die houvast vindt hij in hoop, verpakt in een prachtig, rustgevend beeld: "Ter um sonho todo azul / Azul da cor do mar" (Een droom hebben die helemaal blauw is / Blauw zoals de kleur van de zee). De zee staat hier letterlijk voor die eindeloze, kalme ruimte om opnieuw te dromen, hoe zwaar het leven soms ook uitpakt.