Залицятися betekent 'het hof maken' of 'flirten'. Het is een charmant en enigszins ouderwets woord dat een gevoel van romantische toenadering oproept.
In de context van het lied beschrijft de zanger hoe iedereen haar het hof wil maken ("До тебе кожен хоче залицятися"), wat haar aantrekkingskracht benadrukt, ondanks haar stekelige karakter als een acacia.
In “Акація (Akatsiia)” bezingt Chico samen met Qatoshi en paashee een vrouw die tegelijk onweerstaanbaar en lastig is. Ze krijgt “Сто із десяти, ніжність, грація” [honderd op tien, tederheid en gratie], dus ze lijkt perfect en iedereen wil met haar flirten. Toch volgt meteen de scherpe vergelijking: “Але ти врєдна і колюча, як акація” [maar je bent onaardig en stekelig als een acacia]. Врєдна is spreektaal voor lastig of gemeen, terwijl een акація, een acacia, hier letterlijk staat voor iets moois met doornen. Dat maakt het refrein tegelijk lief en lekker bot.
De verteller probeert afstand te nemen, maar dat lukt niet: elke blik en elke stap van haar voelt voor hem als een liefdesverhaal uit een film. Zij zegt dat hij haar moet vergeten en niet meer terugkomt naar haar koude handen. De beelden worden zelfs pijnlijker: tranen vriezen “до шрамів” [tot littekens], alsof de nachten tussen hen blijvende sporen achterlaten. Toch zegt hij dat het beter is zonder haar, ook al voelt zijn ziel zwaarder. Het lied blijft daardoor hangen tussen bewondering en waarschuwing: deze “acacia” is prachtig, maar wie te dichtbij komt, prikt zich.